Dans of een andere sport: zó belangrijk voor een kind

Vul de vier cijfers van je postcode in, zodat we je snel kunnen helpen met je aanvraag

Op haar achtste kwam Wendy bij dansschool Marcella van Altena dansen. Met zeventien jaar ging ze er zelf werken en sinds haar 22e runt ze deze populaire dansschool. Niet voor elk gezin is dans als sport financieel haalbaar, zou je denken. Zeker als het gaat om de selectie – met veel lessen en wedstrijden. Maar dankzij de hulp van Stichting Leergeld Haarlemmermeer is dit voor verschillende kinderen tóch mogelijk. 


“De ouders van reguliere dansers, de kinderen die een uurtje per week komen dansen en die daarvoor financiële hulp nodig hebben, die vinden hun weg meestal wel”, vertelt Wendy. Het Jeugdcultuurfonds ondersteunt daarin. Als er aanvullend iets nodig is, dan is Leergeld er. En dat weet niet iedereen. Voor sommige kinderen met een bepaald talent, die daarin worden belemmerd vanuit de thuissituatie, is net iets meer nodig. Voor die uitzonderlijke talenten maak ik me graag hard.”

Wendy runt dansschool Marcella van Altena in Hoofddorp, samen met haar zus Mirella. De dansschool werkt nauw samen met Stichting Leergeld Haarlemmermeer.

Uitzonderlijk talent

“Ik heb al heel lang een kort lijntje met Inez, de manager van onze lokale Leergeldstichting. De afgelopen jaren is die band alleen maar sterker geworden; zij kan gewoon heel snel en heel goed meedenken en helpen waar dat nodig is.”

“Zo hadden wij hier een meisje dansen met heel veel talent. Zij mocht mee naar het WK hiphop, maar dat leek financieel onhaalbaar. Alleen als haar oudere zus het zou regelen en betalen. Toen heb ik Inez gebeld: Wat kunnen we hiermee? Zo fijn dat Leergeld toen kon bijspringen, zodat dit meisje tóch mee kon.”

Door met dansen

“Bij onze dansschool dansten bijvoorbeeld ook twee meisjes van zeven en tien jaar oud, meerdere uren per week: hiphop, modern, tap, show, klassiek ballet… Zij zouden doorgaan naar de selectie. Maar toen werd hun vader, kostwinner van het gezin, ziek en overleed heel plots. Ook toen belde ik direct Inez, want ik wist: als ik één ingang heb, dan is zij het wel.”

Sport hoeft niet duur te zijn

“Inez weet dat ik echt alleen maar bel in dit soort situaties. En in sommige gevallen springen wij ook zelf bij. Er zijn kinderen waarvan je denkt: daar moet ik mijn nek voor uitsteken, anders zijn we ze kwijt. En waar komen ze dan terecht? Als ze de tijd krijgen om op straat te hangen, dan heb je een probleem. Zeker voor de jeugd tegenwoordig, in ieder geval hier in de randstad, is het echt een grote uitdaging: drugs ligt overal op de loer. Wij zeggen daarom altijd: laat je kind – vooral in de pubertijd – alsjeblieft sporten.”

“Toen mijn dochter nog op de basisschool zat schrok ik van het kleine aantal kinderen dat sport. Je aansluiten bij een vereniging en ergens bij horen, bij iets wat je graag doet… Dat is zó belangrijk. Of het nu dans is, of iets heel anders. Sport hoeft echt niet duur te zijn. Er zijn zoveel opties en wegen.”

Niet voor de knikkers

“We kennen al onze leerlingen goed. En we gaan ook in gesprek met ouders, als we zien dat het mogelijk niet de goede kant op gaat. Eigenlijk komen al onze selectiedansers heel goed in de maatschappij terecht. Als je hier danst moet je ontzettend veel discipline hebben. Het is serieus; wij dansen niet voor de knikkers maar echt voor de prijzen. Én we hebben een zerotolerance-beleid op pesten. Kinderen leren hier respect te hebben voor elkaar. Of je nou zeven of zestien jaar oud bent.”

“Meiden die hier vroeger op dansles zaten – waarover ik me wel eens zorgen maakte – zie ik nu als volwassen vrouw met hun eigen kindjes naar dansles komen. ‘Zo fijn om te zien dat het allemaal goed gekomen is’, zeg ik dan tegen ze.”